Zoeken:
Inloggen
Nieuws

  • Home
  • Onze school
    • Grondslag en doelstelling
    • Onze identiteit in de praktijk
    • Toelatingsbeleid
    • Kwaliteitszorg
    • Leerlingbegeleiding
    • Organisatiestructuur
    • Samenwerking
    • Onze school in cijfers
    • Verantwoording
  • Betrokkenheid ouders
  • Ons onderwijs
    • Opleiding, toerusting en vorming
    • Naar de brugklas
    • Rebound
    • Streams
    • vmbo
    • havo
    • vwo
    • Praktijkonderwijs
  • Medezeggenschapsraad
    • Medezeggenschapsraad
  • Vervoer
  • Publicaties
  • Werken bij het Calvijn College
    • Vacatures
    • Solliciteren
    • CAO
    • De opleidingsschool
  • Vakantierooster 2010-2011
  • Agenda
  • Nieuws
  • Contact
Laatste nieuws
7-7-2010  Leerlingen Calvijn College dichten over alcohol
7-7-2010  Peter Molenaar: docent met ervaring
28-6-2010  Geslaagde race met zonneboten
2-7-2010  De kunst van een gedicht
17-6-2010  Krabbendijke even vrij van zwerfafval
7-6-2010  DV 14 juni Kennismakingsavond nieuwe leerlingen locatie Appelstraat
31-5-2010  Publieksjaarverslag 2009 is verschenen
21-5-2010  Mirjam maakt examen in quarantaine
17-5-2010  Zeeuwse scholieren tevredener over busvervoer
22-4-2010  Natuurkunderoadshow voor Calvijn College
Nieuws
actueel nieuws | archief | zoeken

D66: Meebidden niet verplichten


GOES – D66-Kamerlid Van der Ham vindt dat leerlingen die de grondslag van een school respecteren, voor of na de les niet hoeven mee te bidden.


„Iemand verplichten om met zo’n gebruik mee te doen, dat gaat te ver. Respect tonen is voldoende”, zegt hij in een interview met Calvijn Contact, het informatieblad van het reformatorische Calvijn College in Goes, dat maandag is verschenen.

Lees verder in het Reformatorisch Dagblad

Calvijn Contact:

D66-Kamerlid Boris van der Ham:

'Verplicht meebidden in de klas gaat te ver'


D66, SP en GroenLinks willen een acceptatieplicht voor bijzonder onderwijs. Dit houdt in dat scholen alle leerlingen dienen toe te laten indien de grondslag wordt gerespecteerd in plaats van onderschreven. “Zo kan niet langer gediscrimineerd worden met een religieuze grondslag als argument”, stelt D66 op zijn website. Een gesprek met D66-Tweede Kamerlid Boris van der Ham.

De Bijbel en de Drie Formulieren van Enigheid vormen de basis voor het onderwijs op het Calvijn College. De reformatorische identiteit krijgt onder andere vorm in bijbellezen en gebed, de eis van een voldoende voor godsdienst en bijbelse gedragsregels. Het Calvijn College heeft een gesloten toelatingsbeleid. Dat houdt in dat leerlingen alleen worden toegelaten wanneer de ouders de identiteit van de school onderschrijven.

Reformatorische scholen weigeren nauwelijks leerlingen. Het gaat om incidentele gevallen. Bovendien scoren deze scholen over het algemeen hoog als het gaat om de kwaliteit van het onderwijs. Vanwaar dan opeens die ijver om een acceptatieplicht voor te stellen? We vragen het Boris van der Ham (36), sinds 2002 Tweede Kamerlid voor D66.

Waarom hecht D66 zo aan een acceptatieplicht voor scholen?
Ouders moeten de vrijheid hebben hun kinderen te sturen naar de school van hun keuze. Ik wil niet af van het bijzonder onderwijs. Als liberaal vind ik het prima als ouders hun kinderen kunnen sturen naar de school van eigen keuze. Maar de overheid mag wel eisen aan dat onderwijs stellen. Dat lijkt me logisch, want ook het reformatorische onderwijs wordt door de overheid betaald. Soms kunnen die eisen schuren met de identiteit van de school. Maar zolang het onderwijs betaald wordt door gemeenschapsgeld vind ik dat zeker geoorloofd.
Ik vind dat een reformatorische school niet mag eisen van leerlingen om de identiteit van de school 100% te onderschrijven. De school mag wel eisen dat leerlingen respect tonen voor de identiteit van de school. Het kan op een school gebruikelijk zijn dat er voorafgaand aan de les wordt gebeden. Ik vind dat een leerling respect moet hebben voor zo’n gebruik en dat bijvoorbeeld niet moet verstoren. De school mag leerlingen hierop aanspreken. Maar iemand verplichten om met zo’n gebruik mee te doen, dat gaat te ver. Respect tonen is voldoende.

De praktijk is nu dat reformatorische scholen slechts incidenteel een leerling afwijzen. Uw voorstel tot een acceptatieplicht zal dus geen aardverschuiving bewerkstelligen in de identiteit . Anders is het wanneer de acceptatieplicht ook betrekking heeft op docenten..
Dit wetsvoorstel gaat eigenlijk alleen over leerlingen. Maar er is een ander voorstel in behandeling tot aanpassing van de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). Dat gaat over docenten. D66 wil naar een situatie waarin alle sollicitanten die respect tonen voor de identiteit van een school, toegelaten moeten kunnen worden.

Welk probleem wilt u eigenlijk oplossen? Het reformatorisch onderwijs maakt vijf procent uit van het totale scholenbestand..
Het is een principiële keuze die je maakt. Nederland is een rechtsstaat. Iedereen moet weten waar we aan toe zijn. We vinden het allereerst principieel onjuist dat leerlingen nu geweigerd kunnen worden omdat hun ouders niet de gehele grondslag van de school onderschrijven. Daarnaast is het zo dat het voorstel tot een acceptatieplicht past binnen een veel breder verhaal van het tegengaan van segregatie in het onderwijs. Er zijn bijzondere scholen die proberen allochtonen uit de school te houden. Verder zijn we van mening dat de overheid die het onderwijs betaalt, ook een eis mag stellen. In dit geval: accepteren dat alle kinderen in principe welkom zijn.

Wat is uw ideaal als het gaat om onderwijs? Alleen openbare scholen?
Het bijzonder onderwijs functioneert goed. Wel vin d ik dat het openbaar onderwijs nog krachtiger moet worden aangeboden en eventueel versterkt. Er is een flank van de D66 die voor afschaffing van het bijzonder onderwijs is, daar behoor ik niet toe. De D66 is niet tegen bijzonder onderwijs, maar wel tegen vormen waar een vorm van uitsluiting in zit. Bijzonder onderwijs OK, maar er gelden een paar regels. Nogmaals: het gaat me om het principe. Respect tonen voor de identiteit is voldoende, eisen dat iemand zich volledig onderwerpt aan de identiteit van de school past niet in de 21ste eeuw.

Het Calvijn College kiest voor een gesloten toelatingsbeleid – met de vraag tot onderschrijving van de grondslag – omdat zij van mening is dat het belangrijk is dat er voor de leerling in de leeftijd van 12 tot 16 jaar eenheid is tussen school, gezin en kerk.
Ik stel daar tegenover dat het kind op die leeftijd juist moet ervaren dat opvattingen niet altijd dezelfde zijn. Je moet naast elkaar kunnen zitten als klasgenoten met verschillende opvattingen. En dat kan ik zelfs beargumenteren vanuit een pedagogische visie. Leer in gesprek te gaan met een andersdenkende klasgenoot. Daar kom je sterker uit!

De christelijke identiteit krijgen leerlingen toch wel mee, die is voldoende verankerd in en buiten de lessen. Ik verwacht geen afbrokkeling van het reformatorisch onderwijs door instelling van een acceptatieplicht. De identiteit blijft staan en daar wil ik best respect voor tonen. En laten we eerlijk zijn: ook in het reformatorisch huis zijn vele kamers. Jongeren die op hun twaalfde op school komen, kunnen op hun veertiende best andere opvattingen hebben ontwikkeld. Ook onder docenten staat het denken niet stil. Reformatorische scholen moeten niet te bang zijn voor discussie. Er zou best wat meer openheid mogen komen. Anno domini 2010 is een stuk openheid in de vorm van een acceptatieplicht heel normaal.

Moet de acceptatieplicht wat u betreft ook gelden voor sollicitanten?
Je mag aan sollicitanten wel eisen stellen op het gebied van religie. Je kunt je als school bijvoorbeeld beperken tot een aantal kerkgenootschappen. Maar ik vraag me af of je van een wiskundedocent kunt vragen of hij het eens is met Knevels gedachte over de evolutietheorie.

Stel nu dat iemand die praktiserend homo is, solliciteert bij het Calvijn College, mag onze school die persoon dan weigeren?
Op grond van zijn praxis mag een school zo iemand nooit weigeren, dat geeft de AWGB aan. Er is echter sprake van een schemergebied. Het gebeurt nu wel op grond van ‘bijkomende omstandigheden’. Wat die omstandigheden zijn, is echter onduidelijk. Dan krijg je het ‘duistere in de docentenkamer’, vragen als: ben je wel gelovig genoeg? Scholen mogen wel iemand weigeren op grond van geloofsopvatting of kerkgenootschap. Jurisprudentie geeft echter aan: als er één uitzondering gemaakt wordt door een school op basis van de grondslag, dan geldt dat vervolgens ook voor andere gevallen een uitzondering gemaakt moet kunnen worden. Dus als een reformatorische school bijvoorbeeld een hervormde docent aanneemt – die ‘lichter’ in de leer is - dan kan vervolgens niet een reformatorisch christen worden geweigerd die iets genuanceerder is over homoseksualiteit. Binnen veel reformatorische scholen is er op dit moment ook al sprake van diversiteit op bepaalde punten. Het gebeurt ook wel dat een docent scheidt en toch in functie kan blijven. Er wordt nogal verschillend gedacht onder christenen en visies verschuiven, niet alleen rond homoseksualiteit maar ook rond vrouwenrechten.

Je hebt middelmatige dingen waarover intern verschil van mening is. Maar over een aantal kernzaken is overeenstemming binnen het Calvijn College. Bijvoorbeeld over de stelling dat de homoseksuele praxis haaks staat op wat de bijbel voorstaat.
Als je als overheid stelt dat een school een sollicitant niet mag afwijzen op deze grond, dan stel je het non-discriminatiebeginsel boven de vrijheid van godsdienst. Overigens, wie wordt er gediscrimineerd? Prevaleert hiermee de seculier-liberale visie niet boven bijvoorbeeld de christelijke?


Grondrechten moeten naast elkaar kunnen bestaan. Het kernwoord daarbij is respect. Dat houdt de samenleving bij elkaar. Ik vindt niet dat een reformatorische school met het voorstel tot een acceptatieplicht wordt gediscrimineerd in zijn godsdienst. Er dient wederzijds respect te zijn. Dus u moet respect hebben voor een docent, maar de docent ook voor u. En als u als school dat toch te ver vindt gaan, dan is er nog altijd de mogelijkheid om van overheidsfinanciering af te stappen en uw onderwijs zelf te betalen.

Peter Smit

REACTIES:

‘Verenigingsrecht geeft organisatie vrijheid eigen regels te stellen’

Nederland kent het recht van vereniging. Burgers kunnen zich in allerlei verbanden organiseren en zij mogen voor hun organisatie regels stellen. Het recht om mensen buiten te sluiten die de uitgangspunten van de organisatie niet delen, hoort daar logisch bij. De Raad van State heeft recent nog gezegd dat scholen wat dat betreft bijzondere bescherming verdienen, omdat in het onderwijs de overdracht van een overtuiging plaats heeft. Het recht van vereniging en van onderwijsvrijheid zijn belangrijke voorwaarden gebleken voor een gezonde samenleving, zeker wanneer er veel verschillende overtuigingen naast elkaar bestaan. Wanneer Kamerleden gaan voorstellen in te breken in reformatorische scholen, is dat een gevaarlijke uitholling van de kracht van de samenleving.

De eis van een acceptatieplicht is een typisch voorbeeld van een doorgeslagen recht op keuzevrijheid. Boris van der Ham eist een recht voor ouders om hun kinderen naar een school te sturen die totaal niet bij hun achtergrond past. Zelfs leraren die de overtuiging van de school niet delen, moeten aan die school les kunnen geven. Het gezond verstand laat het hier volledig afweten. Die acceptatieplicht is namelijk hetzelfde als ervoor pleiten dat een communist lid moet kunnen worden en zelfs het woord moet kunnen voeren bij een liberale partij. Daar zit ook niemand op te wachten. Het lijkt er dus meer op dat voorstanders van een acceptatieplicht bezig zijn met een seculiere kruistocht.

Van der Ham pretendeert genuanceerd te zijn door van leerlingen nog respect te vragen voor de grondslag van de school. Zijn standpunt bevat echter nauwelijks nuance. Dat blijkt wel als we een vergelijking maken met andere soorten verenigingen. Wie bijvoorbeeld bij een voetbalvereniging aan officiële wedstrijden wil meedoen, zal verplicht zijn het officiële shirt van de club te dragen. Dan accepteren we het ook niet wanneer iemand wel respect toont voor deze gewoonte, maar vervolgens met een eigen T-shirt op het veld verschijnt. Wanneer dat al bij zulke verenigingen het geval is, dan geldt het zeker voor scholen die vanwege godsdienstige redenen in stand worden gehouden. De vrijheid van godsdienst is hier ook in het geding.

Het respect dat voorstanders van een acceptatieplicht vragen, blijkt niet meer te zijn dan lippendienst. Die opvatting van respect leidt er namelijk toe dat verenigingsrecht en onderwijsvrijheid worden aangetast. Van der Ham erkent zelf dat de acceptatieplicht schuurt met de identiteit van de school. Daarom moeten we ons tegen een dergelijke plicht blijven verzetten. De gezonde balans tussen grondrechten wordt door zulke voorstellen namelijk verstoord. Dat is een slechte ontwikkeling.

Kees van der Staaij, Tweede Kamerlid SGP


‘Wij hechten grote waarde aan eenheid tussen gezin en school’

Van der Ham pleit voor een individuele keuzevrijheid van ouders (dus geen schoolbestuur dat belemmeringen opwerpt) en SP-Kamerlid Van Dijk voor ‘integreren doe je in de klas’. Deze voorstellen staan tegen de achtergrond van het afnemen van de vrijheid van onderwijs en dus de secularisatie: geloof weg uit het publieke domein. Heel diep is dat een gevolg van een geestelijke strijd.

Het ‘verwijt’ dat reformatorische scholen krijgen, dat zij de problemen mooi buiten de deur kunnen houden door hun gesloten toelatingsbeleid, getuigt van een door elkaar halen van oorzaak en gevolg. Wij hechten en blijven grote waarde hechten aan een eenheid tussen gezin en school. Het is uw doopbelofte waar wij u bij behulpzaam willen en mogen zijn. Met onze kennis en onze liefde voor onze jongeren.

Is er dan geen enkele grond voor deze aanval op het christelijk-reformatorisch onderwijs? Het verkeerde beeld van een reformatorische school, dat ze buiten de maatschappelijke werkelijkheid staat, is lastig te bestrijden. Het is een beeld. Toch; onze inzet om in onze eigen omgeving meer present te zijn, zonder te verliezen op onze opdracht, heeft in onze omgeving geleid tot positieve reacties.

Laat maar zien waar we voor staan en wat we met de hulp van de Heere mogen doen. We willen van de wettelijke mogelijkheden gebruik blijven maken, zoals Van der Staaij dat zegt. We zullen het – alleen met uw hulp en steun – zo doen dat onze jongeren en wijzelf het werk niet in een hoekje doen. Het is en blijft de opdracht van het Woord: wel in de wereld te zijn maar niet van de wereld. Wel een vreemdeling maar geen aparteling. Daar zijn contacten voor nodig en dat maakt dat we, meer dan misschien in het verleden, verbindingen moeten en willen hebben met de omgeving. En dat vanuit een school waar de eenheid tussen gezin en school de sterke basis van het Woord van God heeft.

Namens het College van Bestuur,
A.J. Vogel

Categorie: Algemeen
Gepubliceerd op: maandag 1 februari 2010

Postbus 362 | 4460 AT Goes | telefoon (0113) 21 10 20 | fax (0113) 23 27 94